19 — 22.05.2022

Trajal Harrell Athens / Zürich

The House of Bernarda Alba

dans — premiere

KVS BOL

Aankomst met rolstoel te bevestigen bij reservering online of via het bespreekbureauRingleidingToegankelijk voor rolstoelgebruikers

Kort voor de Tweede Wereldoorlog schreef de Spaanse dichter en toneelschrijver Federico García Lorca Het huis van Bernarda Alba. Bijna honderd jaar later opent Trajal Harrell de deur van twee andere “huizen” voor García Lorca’s ernstige, gepassioneerde vrouwen. Hij laat hen kennismaken met de wereld van modehuizen. Tegelijkertijd confronteert Harrell García Lorca’s vrouwen met de oogverblindende voguing-huizen. Het fenomeen van voguing ontstond in New York; in “huizen” als House of Xtravaganza, House of Ebony en House of Ninja komen sinds de jaren 1970 Spaanse en Afro-Amerikaanse (voornamelijk queer) dansers·essen samen in clubs om trots en stijlvol uitsluiting en onrecht te bestrijden. In Harrells huis, een salon dat in de KVS prachtig gereconstrueerd wordt, verdwijnt de (veronderstelde) scheiding tussen hoge cultuur en subcultuur. Na het minimalistische en beklijvende Dancer of the Year keert Trajal Harrell terug naar Kunstenfestivaldesarts met twee versies van deze nieuwe creatie, een korte versie die het opwindende fenomeen van een modeshow evoceert en een langere versie die de theatrale diepgang opzoekt. Harrell confronteert ons in deze creaties met de verwelkomende bescherming – maar tegelijk het potentieel verstikkende – van een huis.

read more

The House Of Bernarda Alba

Trajal Harrell kreeg de inspiratie voor de creatie van zijn The House of Bernarda Alba vele jaren geleden, bij het bekijken van het legendarische stuk van Federico García Lorca, een drama over een Spaanse familie van rouwende vrouwen, die worden onderdrukt door de tradities van de tijd en een bazige moeder: Bernarda Alba. Verwijzend naar voguing houses en de iconische huizen van de haute couture, zal Harrell het publiek uitnodigen in zijn salon van The House of Bernarda Alba, een replica van Christian Dior’s Salon de Maison uit de jaren 1940. Harrell werpt de vraag op: “Treedt het op als een voguinghuis of als een modehuis?” In elk geval doet Harrell modehuizen swingen!

Dit huis van Bernarda Alba draait rond de personages van Lorca’s stuk. Harrell gebruikt de essentie van zijn choreografie geïnspireerd door catwalk vermengd met butoh-dans om de ruïnes van Lorca’s huis van bedroefde, dromende en onderdrukte vrouwen op te bouwen.

De voguingcultuur zit diep verankerd in Harrells werk. Ze ontstond in de jaren 1960 in de Afro-Amerikaanse en Latino gay en transgemeenschappen van New York. Vanaf de jaren 1980 creëerden deze gemeenschappen in de marge hun eigen safe spaces, waar ze hun queer identiteiten vierden. Een subcultuur die empowerment en vrijheid van expressie gaf en die de witte heteronormatieve genderidentiteit oversteeg. Naar voguing wordt nu ook verwezen als een dansstijl met zijn eigen esthetiek en regels geïnspireerd door de Amerikaanse schoonheidswedstrijden, en het poseren en wandelen van de modellen op de catwalk of in het tijdschrift Vogue.

Nog een van Harrells belangrijke dansinvloeden naast voguing en postmoderne dans is butoh, een Japanse expressionistische dans die ontstond na Wereldoorlog II. Butoh, vertaald als “dans der duisternis”, werd ontwikkeld door Tatsumi Hijikata en Kazuo Ohno. In wat doorgaans omschreven wordt als een theater van verzet tegen de moderne samenleving, worden het angstaanjagende en de duisternis zichtbaar via het ontstaan van het nieuwe en groteske beweging.

Harrells precieze creaties zijn goed opgebouwde zachte dansrevoluties, omdat hij niet alleen een choreograaf is, en dus een ontwerper van beweging en ruimte, maar ook een visueel kunstenaar die zijn avonden componeert volgens de esthetische wetten van de visuele kunst. De vormgeving en de samenstelling van de kostuums, de knap gekozen combinatie van diverse muziek creëert een uniek landschap van ontmoetingen.

Het Schauspielhaus Zürich Dansensemble, in 2019 opgericht aan het Schauspielhaus Zürich, neemt je mee op een reis door een wereld die een combinatie is van de cultuur van de haute couture, de voguingcultuur en de poëtische essentie van Lorca’s stuk. Dat vertelt het verhaal van een huis met vijf zussen, hun grootmoeder, de dienstmeisjes en het hoofd van het huis, Bernarda Alba. Bernarda dwingt de vrouwen acht jaar lang in rouw te zijn, zwart te dragen en geen contact te hebben met mannen. Een drama ontvouwt zich wanneer de jongste dochter, Adela, verliefd wordt op Pepe, die verloofd is met haar oudste zus, Angustias, die het fortuin van de familie Alba zal erven. Bernarda tracht een eind te maken aan deze affaire en de morele orde van het huis te herstellen. In een donkere nacht vuurt ze een schot af, gericht op Pepe. Adela die gelooft dat haar geliefde vermoord is, hangt zichzelf op omdat ze geen toekomst voor zichzelf ziet zonder hem, terwijl de kogel hem in werkelijkheid gemist heeft.

“Theater is poëzie die oprijst uit het boek en menselijk, sprekend en schreeuwend, huilend en wanhopig wordt. Het theater heeft figuren op het podium nodig die poëtische gewaden dragen en tegelijk hun beenderen en hun bloed tonen.” Lorca’s woorden, enkele maanden voor zijn moord door de Nationalisten in 1936, het jaar dat hij Het Huis van Bernarda Alba voltooide. In Harrells interpretatie komen al deze personages, poëzie, emoties en verlangens tot leven en zinderen na afloop van het stuk nog lang na.

  • Miriam Ibrahim, april 2022, dramaturge aan het Schauspielhaus Zürich

Uit het notitieboekje van de choreograaf

Ik dacht mijn runway dance verder te ontwikkelen door de wereld van de prêt-à-porter te verlaten en terug te gaan in de geschiedenis naar de salons van de Parijse modehuizen van halverwege de twintigste eeuw. Deze salons bevolkt door de rijksten die zich couturekleding konden veroorloven en de grote scheidsrechters van de smaak die de culturele context leverden waarin de rijksten zich bewegen zijn voor mij een terrein voor extravagantie, vijandschap en mooie vrouwen en mannen.

Ik wandel terug naar de historische verbeelding – niet voguing in Judson Church in de 60’s, geen hoochie-coochie-show in het vluchtige hier, en niet de esthetische ontmoeting tussen Katherine Dunham en butoh’s bedenker Tatsumi Hijikata. Ik wil de mogelijkheid verkennen van Lorca’s House of Bernarda Alba als een bedrijvig haute-couturehuis. En zo zouden oude vragen opnieuw kunnen worden beantwoord vanuit het perspectief van de voguingcultuur: Wat is een huis in feite? Wie performt in een huis en hoe doe je dat? Hoe wordt arbeid verdeeld tussen vrolijkheid en voortbestaan?

Hier kan ik butohdans gebruiken om deze vragen thea-traal te beantwoorden. Graven in een dans rond de dood die in Lorca’s tekst en in de oorsprong van butoh te vinden is, en die me de toestemming geeft kleur, textuur, volume, licht en densiteit te verkennen. Er is méér dan wat je te zien krijgt. Hier ontmoet hoge kunst hoge content, niet om te verdwijnen in een of ander modern narratief over subculturen maar om hoger, hoger, hoger te gaan. Hoe hoog kun je gaan? Of je de hoogte nu bereikt door macht, orde, liefde, geld of wat dan ook; als je daar geraakt, hoe diep kun je dan vallen?

Dit is de gloed van The House of Bernarda Alba.

We zoeken en zoeken naar het lichaam van de doden. De Doden komen wanneer ze willen. Maar in dit huis komen ze op tijd. Lichamen van de doden dupliceren? In het hart van de handel zoals in het hart van de liefde en eer van een vrouw? In het hart van familie.

  • Trajal Harrell

 

Presentatie: Kunstenfestivaldesarts, KVS
Performers: Titilayo Adebayo, Frances Chiaverini, Marie Goyette, Trajal Harrell, Max Krause, Neave Haworth-Kohnner, Perle Palombe, Maria Ferreira Silva, Songhay Toldon, Ondrej Vidlar
Director, co-stage design, costumes, soundtrack: Trajal Harrell | co-stage design: Erik Flatmo | Associate stage design: Eva Lillian Wagner | Light design: Stéfane Perraud | Rehearsal directors: Stephen Thompson, Maria Ferreira Silva; Dramaturgy: Katinka Deecke, Miriam Ibrahim | Audience development: Mathis Neuhaus; Touring & Internatinal Relations: Björn Pätz (shz) Art Happens | Theater pedagogy: Manuela Runge | Production assistant: Camille Roduit | Costume assistant: Mona Eglsoer | Production intern: Lenita Edward | Stage design intern: Rhena Geiger | Costume intern: Fatima-Frida Salum | Stage manager: Aleksandar Sascha Dinevski | Deputy technical director: Carsten Grigo | Technical equipment: Räthus Veraguth | Stage: Oliver Miele, Franco Stauffer | Lighting: Gerhard Patzelt, Roman Mauchle, Christoph Senn | Sound: Matthias Müller | Make-up: Lena Steiner | Wardrobe: Nicole Jaggi, Tiziana Ramsauer
A Production of Schauspielhaus Zürich with the Schauspielhaus Zürich Dance EnsembleProductie: Schauspielhaus Zürich

website by lvh