14 — 17.05
Michael Disanka Mbanza Ngungu-Kinshasa
Je suis l’acteur de la poésie de ma mère
theater — premiere
| Frans → NL, EN | ⧖ 1h40 | €20 / €16
Het werk van Michael Disanka is diep geworteld in de liefde voor schrijven die hij van zijn moeder erfde. In deze nieuwe creatie verbindt hij haar verhaal met dat van Congo via de kasàlà, een lofdicht uit de Kasaï-cultuur waartoe zijn moeder behoorde.
Volgens de kasàlà-traditie bereikt men waarheid door de tong 77 keer rond te draaien. Disanka gaat deze uitdaging aan en componeert een scenisch gedicht waarin zijn woordenstroom samenvloeit met een soundscape; een polyfonie van geluiden die hij opnam in zijn moeders dorp. Al wat hem rest van de geschiedenis van dat dorp, getekend door de afscheidingsoorlog in Zuid-Kasaï en sleutelfiguur Albert Kalonji, is een lied dat zijn moeder voor hem zong – een slaapliedje dat verband houdt met een bloedbad en waarvan de betekenis pas later tot hem doordrong.
De verhalen die Disanka vertelt, doen zijn lichaam vibreren, terwijl het ogenschijnlijk onbeweeglijk blijft. Wat begint als een intieme dialoog tussen moeder en zoon, groeit uit tot een zoektocht naar een verzwegen verhaal en naar manieren om het door te geven – aan het publiek, of aan zijn eigen zoon. Je suis l’acteur de la poésie de ma mère is Disanka’s eerste solo en het slotstuk van een trilogie waarin hij zijn familiegeschiedenis verweeft met die van Congo. Een poëtische wervelwind over rouw en herinnering.
Ik ben de vertolker van de poëzie van mijn moeder
‘Als de geschiedenis niet wordt doorgegeven, moeten we haar gaan zoeken; als we haar niet vinden, moeten we haar misschien zelf creëren…’
Aantekening bij de creatie
29 december 2024
Mbuji-Mayi/Kasaï
O heilige moeder, hier is je eerbetoon, dit graf-werk, klaar om het podium te betreden. In deze theater-wereld, waar ik je vandaag vier, leg ik de duivel het zwijgen op. Verscholen in de donkere hoekjes van het kleinste detail, heeft hij me al die jaren voor de gek gehouden. Na drie jaar wanhopig zoeken, met onuitwisbare barsten en sporen tot gevolg, kan ik eindelijk vrijuit spreken; mijn woorden, gehuld in jouw poëzie, eren je hier beneden. Jij danst daarboven. Je stoffelijke resten, begraven in hun rustplaats, verheerlijken het leven en tillen mij even hoog op. Ik vier je hier beneden, daarboven klinkt gezang; er is sprake van eeuwige liefde, en de stotteraar spreekt!
‘Ik ben de vertolker van een verhaal dat ik ontdek terwijl ik het doorgeef. Mijn oom Norbert Mpoyi brengt met woorden de stad in kaart. Hij probeert zich dingen te herinneren, we verdwalen samen en, terwijl we verdwalen, gidst hij ons, en samen reconstrueren we een gedeelde herinnering.’
Aantekening bij de creatie
29 december 2024
Mbuji-Mayi/Kasaï
Bij het overlijden van mijn moeder vertelde een van mijn ooms, Norbert Mpoyi, over de geschiedenis van hun ouderlijk huis, dat bezet werd door de separatisten uit Zuid-Kasaï. Ik ontdekte een verhaal dat hun jeugd had getekend, en toch had mama er met geen woord over gerept. Vanaf dat moment van uitgestelde rouw, diepe droefheid en bezinning begon voor mij een zoektocht naar dit ontbrekende stukje van onze gezamenlijke geschiedenis; een zoektocht die startte in Mbanza-Ngungu – waar ik mijn gezelschap opnieuw vestigde – en naar Kabeya Kamuanga leidde, waar de grote geschiedenis van Congo en die van mijn familie samenkomen.
‘Ik heb een plek gecreëerd waar we zowel kunnen rouwen als herdenken. Je suis l’acteur de la poésie de ma mère is een poëtische uitroep in de stijl van de Kasala, tussen half gezongen woorden en een duik in de geschiedenis van Congo in de jaren zestig, in de voetsporen van mijn moeder.’
Aantekening bij de creatie
25 januari 2026
Kinshasa
De Kasala is een performatief literair genre dat een persoon of een stam verheerlijkt, krijgers en krijgsters moed inspreekt en de glorie van helden en heldinnen bezingt. Het is geen gewoon lied maar het roept iemands verleden op en het bezingt de stappen die iemand heeft doorlopen om in deze wereld van stervelingen terecht te komen.
Het is een lied over de heldendaden van een clan, een stam of een nageslacht, dat – afhankelijk van de omstandigheden (rouw of feest) – herinneringen oproept en de mens terugvoert naar zijn oorsprong. Om hem te vertellen dat we niet alleen onszelf zijn, dat ons lichaam even oud is als het ontstaan van de wereld, dat het de levenssappen van onze voorouders in zich draagt; dat we al in het lichaam van die en die, of van deze en gene geleefd hebben, zo ver als we kunnen teruggaan in de stamboom van ons nageslacht.
‘Dit is het derde deel van een trilogie die begon met Sept Mouvements Congo (2018) en Géométrie de vies (2022), over onze persoonlijke verhalen, de hedendaagse geschiedenis van Congo en het lot van een kunstenaar die in de DRC woont en werkt. Welk deel van de geschiedenis van Congo is dan verbonden met mijn moeder en vormt de bron van mijn verhaal?’
Het is dus het verhaal van een moeder en een zoon, van een familie en een volk, van een land met een even roemrijk als tumultueus verleden, een chaotisch heden en een even stralende als onzekere toekomst: het is het verhaal van Congo. Onze ouders vertelden ons niet over de bloedbaden in hun geboortestreek Kasaï, zoals dat van Bonzola, dat door de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Dag Hammarskjöld, werd omschreven als een genocide tegen het Muluba-volk. Het was oorlog, iedereen vocht om te overleven. Na elk bloedbad zongen ze over hun toekomstige wraak en hun trouw aan de separatisten. Het lied werd een drager van woede en wrok, maar ook een symbool van trots en verbondenheid met een gemeenschap. Deze spiraal van geweld leidde later tot de moorden op de aanhangers van Lumumba, kort na die op Patrice Lumumba zelf en op zijn metgezellen Maurice Mpolo en Joseph Okito in Katanga. Een lied dat generaties overspant, wordt een archief dat de kiem in zich draagt van de wind van verschrikking die door de hele regio raasde.
‘Mijn moeder is aanwezig in de poëtische kern van mijn schrijverstaal. Hoe blijf ik op de achtergrond, laat ik iemand anders verschijnen die in feite de bron is van alles: mijn leven, mijn poëzie, de schepper die in mij huist… om mezelf terug te vinden in een metamorfose die de essentie vormt van wat ik van haar heb geërfd? Ik moet mezelf dus terugtrekken om via mijn lichaam, op het podium, andere lichamen te laten verschijnen en andere stemmen te laten klinken via de magie van poëzie. Welke acteerstijl zou dit soort theatraliteit eer aandoen?’
Aantekening bij de creatie
30 april 2023
- Michael Disanka
MET HEEL MIJN HART EN ZIEL
Gedicht van Marguerite Disanka
Hart in mijn handen
Stevig geworteld
Tegenover de leegte
Spreek ik mezelf toe
Mijn hart klopt
Het klopt hard, en harder
Steeds harder en harder
Als een motor die aanslaat
Het resoneert in mij
Weerklinkt in mijn hele wezen
Gedacht, gevormd, vorm en gedachte
Die mij in hun greep houden
Mijn geest stemt zich af
Op de geluiden van zijn hart
En de golven in zijn diepten
Veelkleurige plooien
De adem, ademt
Komt uit de diepten
Verspreidt zich in vonken
Tot aan de wortels, het hele bloembed
Ik word mezelf
Het goede, zachte vuur
Fonkelend zonder te doven
Noch anderen te verbranden
O! Ik ben niets meer dan vuur
Ik hou ervan dit vuur te zijn
Ik zal dit vuur blijven
Dat niet brandt, maar verlicht
- Vertalingen door Stephanie Lemmens
14.05
- 20:30
- Laatste tickets
15.05
- 20:30
- + aftertalk gemodereerd door Adeline Rosenstein (FR)
- Laatste tickets
16.05
- 18:00
- Laatste tickets
17.05
- 15:00
- Laatste tickets
Presentatie: Kunstenfestivaldesarts, KVS
Tekst, regie en acteur: Michael Disanka | In dialoog met: Christiana Tabaro, Laetitia Ajanohun, Adeline Rosenstein | Samenwerking voor muziek en zang: Franck Moka, Christiana Tabaro, Kady Vital Mavakala, Cedric Fundi dit Mumba Yachi, Arnold Asende dit Croco perc, Taluyobisa Luheho | Video: Franck Moka | Scenografie: Lukas Stuki | Lichtontwerp: Cléo Konongo | Met dank aan: Norbert Mpoyi Cilombo, Pierre Angulaire Choir, Les mamans de Kabeya-Kamuanga | Productieleiding Congo: Theresia Tshilanda | Nederlandse vertaling en boventiteling: Inge Floré | Engelse vertaling: Trevor Perri | Licht: Ellie Bryce | Geluid: Noé Dervaux | Toneelmeester: Carlo Borguignon | Productieleiding: Lise Bruynseels | Spreiding: Cecilia Kuska, Inge Jooris
Productie: KVS | Coproductie: Perpodium, La Compagnie Michael Disanka-Théâtre du Scratching, Théâtre L'Aire Libre, Institut français de Kinshasa, Festival d'Automne à Paris
Met de steun van de Tax Shelter van de Belgische federale overheid en het Institut français de Paris & Pôle Eunic RDC