09 — 11.05

Germaine Kruip Brussel

A Possibility

theater / beeldende kunst

KVS BOL

Aankomst met rolstoel te melden bij reservatie online of via het ticketbureauToegankelijk voor rolstoelgebruikers | ⧖ 1h20 | €25 / €20 | Bevat knipperlichten en lange stukken in totale duisternis

De scène is gehuld in zwart, wit en grijstinten. Een spel komt op gang waarbij licht, schaduw, reflectie en de architectuur van het theater met elkaar in wisselwerking treden en de personages worden van een hypnotiserende, zinsbegoochelende performance. De interpretatie ligt volledig bij het publiek, waardoor het werk uitgroeit tot een meditatie over hoe we onze ervaringen beleven, waarnemen en vormgeven – individueel en collectief.

Vier percussionisten verschijnen op scène en bespelen Kruips gestemde sculpturen via een rituele taal van roep en antwoord, echo en herhaling – virtuoos flirtend met de grens van het hoorbare. Hoewel elke toeschouwer een persoonlijke reis maakt, wordt de ervaring gedeeld: een uitnodiging om polarisatie te weerstaan en uiteenlopende perspectieven te omarmen.

Germaine Kruip laat in haar werk beeldende kunst, architectuur en muziek samenvloeien tot immersieve ervaringen. Tien jaar na A Possibility of an Abstraction (Kunstenfestivaldesarts 2016) presenteert ze een vervolg waarin de machinerie van het theater zelf een muziekinstrument wordt. Ze ritualiseert de theaterruimte tot een plek van verwondering en nodigt het publiek uit om – alleen en samen – een wereld van oneindige mogelijkheden te verkennen. Een reis voor de zintuigen en een liefdesbrief aan de magie van het theater.

read more

EEN MOGELIJKHEID


Er is maar één interessant verschil tussen film en theater. Film projecteert beelden uit het verleden op het scherm. Omdat de menselijke geest dit ook voortdurend doet, lijkt film heel echt. Theater bewaarheidt zich altijd in het heden. Hierdoor kan het nog echter worden dan een alledaagse gedachtegang.

Peter Brook, The Empty Space 


Als ik ergens aan denk, denk ik eigenlijk aan iets anders. Je kan pas ergens aan denken, als je het met iets anders vergelijkt. Neem nu een nieuw landschap. Het is alleen maar nieuw voor mij omdat ik het in gedachten vergelijk met een ander, ouder landschap dat ik al kende.

Jean-Luc Godard, Éloge de l’Amour 


Rituelen brengen een gemeenschap tot stand waarin resonantie ontstaat, een gemeenschap die in staat is tot harmonie, een gedeeld ritme. Zonder die resonantie worden we op onszelf teruggeworpen, geraken we geïsoleerd. Resonantie is geen echo van onszelf;
de ander maakt er inherent deel van uit. Resonantie
is harmonie.

Byung-Chul Han, Over het verdwijnen van rituelen

 

In zijn mooie essay Over theatraliteit uit de bundel Figuren / Essays (1995), stelt Bart Verschaffel dat de essentie van ‘het theatrale’ ligt in het vangen van het perspectief: “Theater-maken is niet iets opvoeren, maar het punt bepalen van waaruit iets gezien moet worden en van een spektakel een schouwspel maken dat op een perfecte wijze gezien kan worden. Het theater transformeert én het zien én het spektakel. Het verstrooide, gebrekkige, vluchtige, toevallige kijken wordt naar één punt gebracht, en geïdealiseerd. De gebeurtenis, die uitwaaiert naar alle kanten en onduidelijke contouren heeft, de veelzijdige dingen, de onbepaalde, veelzinnige ruimte, worden samengenomen en naar één punt, naar één gezichtspunt gekeerd.” Hiermee maakt Verschaffel ‘theatraliteit’ los van haar 19e-eeuwse burgerlijke definitie als de kunst van de fictie, gebouwd op de theatertekst, en komt hij met een veel bredere definitie die teruggaat naar de Italiaanse renaissance en barok.

Germaine Kruip is een multidisciplinaire kunstenares. Ze volgde een opleiding tot scenografe en bouwde een oeuvre op bestaande uit installaties, architecturale interventies, beeldende kunstperformances, collages, mobiles, sculpturen en teksten. Met A Possibility of an Abstraction, gecreëerd in 2016 voor Kunstenfestivaldesarts, markeerde ze een belangrijk moment in haar carrière: de terugkeer naar het theater. Met deze voorstelling wilde Kruip haar ervaringen en artistieke taal, verworven in de beeldende kunsten, confronteren met de conventies en rituelen van het theater. Wat gebeurt er als kunstwerken worden weggehaald uit de open museumcontext en opgesloten in de strikte drieledige ruimtelijkheid van het theater, met een zaal, podium en coulissen? Wat doet dit met het werk, gecreëerd voor een tentoonstellingsruimte en nu gekaderd in een nauwgezette theatrale tijdsorganisatie, met een begin, midden en einde?

In 2015 werd Kruip uitgenodigd voor een solotentoonstelling in de Oude Kerk in Amsterdam. Voor de gelegenheid werd alle kunstlicht weggehaald; misschien wel haar meest radicale en betekenisvolle ingreep. Vooral bij valavond zorgde dit voor een spectaculair, bijna ongezien effect: de voortkruipende schaduwen maakten de tijd zichtbaar; de ongewone afwezigheid van artificiële verlichting materialiseerde het historische monument opnieuw tot steen en hout, hoogte en diepte, ver en dichtbij, scherp en bijna onzichtbaar. Het gebouw werd niet langer geopenbaard aan de toeschouwer, maar de toeschouwer werd overgeleverd aan het gebouw.

Elk medium en elke ruimte bezit een eigen materiële logica en conventies die tot verschillende perspectieven leiden. Het werk van Germaine Kruip is moeilijk onder een noemer te brengen omdat zij zich in zeer uiteenlopende artistieke contexten begeeft. Kenmerkend voor haar oeuvre is de onderzoekende en ongewone interactie tussen de materiële aspecten van een ruimte (ruimtelijke indeling, architectuur, licht, …) en de bevraging van de conventionele verwachtingspatronen rond het gebruik van die ruimte. Samen met de materiële zintuiglijkheid in haar werk vormt deze dialoog de basis van Kruips onderzoek naar kunst als ervaring.

De modernistische black box leidde ertoe dat de hiërarchische organisatie en andere wereldse referenties uit het theater werden verbannen. Op dezelfde manier werd de white cube de referentiële tentoonstellingsruimte van de 20ste eeuw. De black box en de white cube willen neutraal zijn, vrij van elke afleiding uit de buitenwereld, om de kunstenaar volledige artistieke autonomie te gunnen. Het licht vormde een van de belangrijkste componenten van deze nieuwe, omgekeerde hiërarchie: het kunstwerk op het podium is het ijkpunt, wordt uitgelicht en is de enige geldige, zichtbare realiteit. De ruimte daarrond – de zaal en de coulissen – verdwijnt in de duisternis. In A Possibility verwerpt het licht deze hiërarchie. Onderzoekend tast het de volledige architecturale en culturele ruimte van het theater af. A Possibility is een locatiegebonden voorstelling.

De tijdloze neutraliteit van de modernistische black box was natuurlijk een utopie. Ook al zijn de theaterdeuren gesloten en is het zaallicht gedoofd, de wereld laat zich niet buitensluiten. Via onze hoofden sluipt zij het theater weer binnen. De kabels en de trekkenwand verraden de techniek, de afbladderende verf op de achterwand de tijd, de verlichte pijlen die ons in geval van nood de exit moeten tonen en nooit mogen worden gedoofd, de materialiteit van onze lichamen. De wereld is niet alleen aanwezig in het theater in pragmatische tekens en sporen van het verleden. Wij, het publiek, importeren de culturele geschiedenis van het kijken. De stemmen in het publiek verstommen als het zaallicht wordt gedimd. Het onbewuste besef dat de protagonist van links het toneel betreedt, en dat wie van rechts komt, een tegenkracht vormt (d.w.z. voor de westerse toeschouwer die van links naar rechts leest). Een verlichte, langgerekte rechthoek op de achterwand roept een filmprojectie op, enzoverder enzovoort. Referentieloosheid blijkt een modernistische onmogelijkheid te zijn.

A Possibility bouwt voort op A Possibility of an Abstraction. In de voorstelling uit 2016 krijgt de toeschouwer een lege ruimte te zien die fungeert als projectiescherm voor een contemplatieve en associatieve reflectie op het kijken en waarnemen, op zichtbaarheid en onzichtbaarheid, en op de materialiteit van licht. Met vier performers die het toneel betreden, introduceert A Possibility een totaal nieuw element: menselijke aanwezigheid. Vier percussionisten verkennen een reeks koperen objecten, die ontworpen zijn door Kruip in samenwerking met de gerenommeerde Duitse instrumentenbouwer Thein Brass. Ze zijn gesmeed uit een unieke metaallegering. Deze ‘balken’ fungeren tegelijkertijd als bespeelbare instrumenten en als sculpturen. Op dit punt wordt de voorstelling net zozeer een spel met horen als voordien met zien. Geluid wordt taal, en beweging op het toneel een rituele handeling.

Meer nog dan de verleidelijke controle over het perspectief dat het podium biedt in vergelijking met de uitwaaierende blik in de tentoonstellingsruimte, was het de kracht van collectiviteit die Kruip terug het theater in lokte. Met
A Possibility wil ze een gedeeld aandachtsritueel creëren. 

Wij, het publiek, gebruiken ons hoofd als camera, onze oogleden als sluiter, onze pupillen als focus. We denken wat we zien en horen, we horen en zien wat we voelen, en samen proberen we te zien wat we zien.

 

Bart Van den Eynde

Vertaald door Stephanie Lemmens


Bart Van den Eynde is dramaturg, actief op het gebied van theater, performance en beeldende kunst.
Hij werkt samen met vooraanstaande kunstenaars als Eline Arbo, Charlotte Bouckaert en Germaine Kruip, al sinds 1995 met regisseur Ivo van Hove, en hij was als dramaturg ook betrokken bij het werk van choreografe Meg Stuart.

***

 

A Possibility is bedacht voor de black box architectuur van het theater; een observatieruimte waar de regels van de werkelijkheid – zolang de voorstelling duurt – worden opgeschort. Wat mij als artieste interesseert is niet de controle over het podium, maar de mogelijkheid om het theater zelf te zien als een machine – een machine die de mechanismen van illusie en waarneming onthult – en als een rituele plek waar nieuwe vormen van verbinding kunnen ontstaan.

In A Possibility ontvouwen schaduw en licht, stilte en geluid zich langzaam, terwijl een visueel abstracte ruimte transformeert tot een akoestische omgeving. Het publiek moet zich overgeven aan het licht én het geluid, aan hun aanwezigheid én afwezigheid. Pas na een moment van weerstand kan een verhoogd bewustzijn ontstaan.

Net als een groot deel van mijn werk biedt deze voorstelling veel ruimte voor interpretatie en laat ze ons mediteren over hoe we, door middel van waarneming, de wereld vormgeven, zowel individueel als collectief.

 

  • Germaine Kruip

Vertaald door Stephanie Lemmens

09.05

  • 20:00
  • + aftertalk gemodereerd door Marta Dziewańska (EN)

Presentatie: Kunstenfestivaldesarts, KVS
Regie: Germaine Kruip | Compositie en muzikale leiding: Hahn Rowe | Dramaturgie: Bart Van den Eynde | Lichtontwerp: Germaine Kruip, Rob Halliday | Regieassistentie: Maxime Fauconnier | Percussionisten: Youjin Lee, Akane Tominaga, Victor Lodeon, Gil Hyoungkwon, Aya Suzuki | Productieleiding: James Thompson | Technische leiding: Alama Lindenhovius | Productieleiding: Richard Herrick
A Possibility werd gecreëerd door Germaine Kruip in samenwerking met componisten Emily Howard en Hahn Rowe voor Manchester International Festival 2025. De première op MIF25 bevatte een nieuwe compositie van Emily Howard, Rhomb in Silhouette.
Productie: Factory International | In opdracht van: Factory International, Holland Festival, PLT 
Mede mogelijk gemaakt dankzij de financiële steun van het Mondriaan Fonds, de Nederlandse publieke organisatie voor cultuurfinanciering die zich richt op beeldende kunst en cultureel erfgoed | Met dank aan Panoptès Collection, Frédéric de Goldschmidt, Astrid Leyssens

website by lvh