Marcela Levi & Lucía Russo Rio de Janeiro

grrRoUNd

dans — premiere

Zinnema

| ⧖ 1h | €16 / €13 | Bevat naakt

grrRoUNd, de nieuwe creatie van Marcela Levi en Lucía Russo, gaat op het festival in première. De choreografen, gevestigd in Brazilië, verkennen in deze voorstelling de verschillende mogelijkheden van de tremolo, een vibrerend effect tussen twee verschillende noten. Via de muziek van Kraftwerk, tapdans, de elektronische muziek van Bruno Tucunduva Ruviaro en de vijfde beweging uit de Tweede symfonie van Gustav Mahler ontwikkelen ze een minutieus choreografisch onderzoek naar de vibratie van het lichaam. Twee performers spelen ook piano – een centraal element door de vibraties die het instrument produceert – en viool. De tremolo is de rode draad in de dramaturgie, die een verschuiving van de ene muziek en stijl naar de andere teweegbrengt; het benadrukt de vibratie van de lichamen en de instabiliteit die centraal is in de choreografie. De verschillende ritmes en trillingen die samenkomen op het podium leiden tot een polyfone praktijk die niet naar harmonie neigt, maar integendeel dissonanties cultiveert. Op het podium creëren zes dansers·essen, solo en in groep, instabiele beelden in een gezamenlijke choreografie. Het is een weerspiegeling van de politieke situatie in Brazilië, waar de Covid-19-pandemie totale onzekerheid met zich meebracht.

read more

grrRoUNd

We delen een gemeenschappelijk grondgebied

Een potentiële aanwezigheid anticiperen,
die echter nog niet bewezen is, 
en die haar bestendige vorm nog niet 
heeft aangenomen,
zou misschien het uitgangspunt moeten zijn
voor elke toekomstige kritiek
die zich als doel stelt een grondgebied te delen.
Achille Mbembe, Brutalisme, 2020 NL    

ik ben geen choreografe, geen danseres, geen actrice, ik beoefen geen performance art, ik ben geen Europese, geen Joodse, ik ben niet rijk, niet arm, ik ben geen man, ik ben een vrouw, ik ben niet zwart, ik ben geen Amerindische, ik ben geen muzikante, ik ben geen mathematica, geen wetenschapster, ik ben niet vrij, ik ben niet gelukkig, ik ben niet verdrietig, ik ben niet gehuwd, ik ben niet alleen, ik ben alleen, ik ben niet hetero, ik ben niet lesbisch, ik ben geen tuinierster, ik ben niet gerecycleerd, ik ben niet enthousiast, ik ben niet apathisch, ik ben niet apolitiek, ik ben, ondanks mezelf, racistisch en macho, ik ben niet vrij, ik ben niet jong, ik ben niet oud, ik ben geen alpiniste, ik ben geen wielrenster, ik ben niet vrij, ik ben… veel zaken. niet.         

en dan doet het niet-zijn zichzelf gelden als een fundamenteel onderdeel van het uittekenen van een gemeenschappelijk grondgebied. een negatief grondgebied. wat ons definieert is niet enkel een gepositiveerde identiteit, opgebouwd of bevestigd, die naar emancipatie streeft, maar we zien onszelf ook doorheen de onberekenbare aantal tekorten waaruit de gemeenschappelijke ruimte van de hedendaagse maatschappijen bestaat. op die manier benadert het niet-zijn de individuele en solitaire visie van de mislukking/het succes die/dat ons kneedt; deze visie wordt ons aangeboden door het ultra-neoliberale beleidsmodel waarin een immense meerderheid feitelijk zal overleven in wat ik hier de lagen van het ‘niet zijn’ zal noemen. dit soort mensen, beroofd van alle menselijkheid, of gewoonweg vergeten door de maatschappij omwille van hun onafgebroken mislukkingen (al weet men heel goed dat die twee altijd aan elkaar gelinkt zijn). maar het niet zijn is meer dan dat. het is ook de kracht die ons ertoe aanzet het westers neoliberaal en racistisch bouwwerk van het Zijn te dumpen en die ons ertoe dwingt, of tenminste ons vraagt een enorme laag bodem, samengesteld uit niet zijnden onder ogen te zien; die on-wezens zijn structureel en historisch verborgen of verloochend. ze leven in vroegere, voorouderlijke lagen, die evenwel nog altijd actueel, ondergeschikt of sinds eeuwen uitgeroeid zijn, gezien het recht op een waardig en wederzijds bestaan – op een gemeenschappelijk grondgebied – niet het recht is van het grondgebied dat wij hebben opgebouwd, noch dat van de grond waarop we vandaag stappen, waar ook op deze planeet. we blijven de maatschappij van de muren, van de grenzen, van de plantages, van de favelas, van de apartheid, van de kampen, van de oorlog, van de oorlog, van de oorlog.         

maar op datzelfde grondgebied en nog altijd in de contouren van het niet-zijn worden wij ook opgeroepen en vandaag meer dan wat we hadden kunnen voorzien, om de kracht van de Verbinding in te schakelen (Glissant, 1990). door het Zijnde te verplaatsen als oorsprong en bouwwerk van het grondgebied waarop we stappen. door ons voor te stellen dat we enkel mogelijk zijn als de vrucht van een gebeurtenis waardoor we enkel bestaan door middel van een co-geboorte (Mbembe, 2021).         

indien we er niet in slagen de kracht van de verbinding, van een zijnde wezen door een co-geboorte, zullen we uitgroeien tot de negatieve handen die op de wanden van een grot geprent werden, dertig duizend jaar geleden (Duras, 1997). de opeenstapeling van de niet-zijnden zal ons, in het beste geval, de mogelijkheid geven om relicten te worden in een toekomst die nu nog onvoorstelbaar is. dit gezamelijk grondgebied van het niet-zijn is de plek waar we de lozingen van het lichaam achterlaten, de resten en de stukken van al wat het verstikkende, onleefbare, buitengewoon onrechtvaardige leven ons biedt. leven dat gekenmerkt wordt door een concentratie van steeds schreeuwerigere rijkdommen en door de onbeschrijfelijke stijging van het aantal voorbijgangers, die hoe langer hoe kwetsbaarder worden of gewoonweg wegwerpbaar en gemakkelijk te vervangen zijn. het gegeven zo wegwerpbaar en totaal vervangbaar en snel, snel, heel snel verdrongen te zijn, traceert op onze lichamen een gebied van dominerende, roofzuchtige kracht. dat gebied kennen is de belangrijkste taak van lichaamskunsten. zonder die kennis van het gebied en zonder de zoektocht om het te bestrijden, zal onze mogelijkheid zelf tot circulatie, en dus tot beweging onderbroken worden. ik zal niet de enige zijn die geen danseres is, niemand anders zal het zijn. niemand meer. geen enkel lichaam. ook het feit dat het merendeel van die roofzuchtige krachten niet altijd onder dezelfde vormen zichtbaar zijn, zoals degene die op de lijn van verbazingwekkende mutatieprocessen wegvluchten, spoort ons aan een soort kennis op te zoeken die verbonden is met onstabiele, bevende grond. dicht bij de modi van betasten, kruipen, vallen, opstaan. daar waar beving is, bestaat ook de mogelijkheid tot dansen. in tegenstelling met wat men zo’n lange tijd heeft geloofd, veronderstelt het dansen noch een recht lijf noch vaste grond. echter wél een breekbaar, kneedbaar, doorlaatbaar, overdraagbaar lichaam, dat dus gevoelig is voor de instabiliteit van de vloer waarop het kan dansen. in tegenstelling met wat men vroeger geloofde is een kruipend kritisch-lichaam nu het hoogst verheven kritisch-lichaam. dat kruipend lijf van de kritiek voorspelt het best de anticiperende aanwezigheden. door zich te verwijderen-niet zonder moeite-van de bevestiging van de voorspelbare en vaste vormen, door de kritiek gevoed als inherente gestalte van haar verbeelding. vandaag worden we opgeroepen om ons de wereld anders voor te stellen zo niet zal het ons onmogelijk zijn er verder in te leven.         

sinds geruime tijd is het grondgebied van de wereld in die chaotische systemen van de bevende Heel-Wereld binnengetreden zoals Glissant ervoor waarschuwde. maar nog nooit hebben we, op planetaire schaal zo goed gevoeld als nu dat we allen houvast verliezen. dat we niet in staat zijn geweest een gezamelijk grondgebied op te bouwen, een ander dan dat van de vernieling en dat we, ja, nu, zonder grondgebied, aangewezen zijn op kritisch en esthetisch gedobber. terwijl we pogen voorstellen van germinale kennis op te sporen: onder de vorm van kiem. dichtbij de verrotting van deze wereld, maar ook bij de larvale opkomst van andere levensvormen.         

wanneer het lichaam al die krachten danst, evengoed die van de roofzuchtige dominantie als die van het beven en van de onvoorspelbaarheid van de Heel-Wereld, dan botsen die krachten tegen elkaar op. er is geen enkele bewegingsmogelijkheid zonder dat die krachten worden aangevoeld, belichaamd, terwijl ze het dansende lijf doorkruisen en dat van het podium dat we daar plaatsen of installeren, voor-
lopig en onstabiel.         

grrRoUNd (“sol” in het Portugees) zoekt die krachten te zijn of bevindt zich op zekere manier tegenover die krachten, jubelend en angstig. vreugde en gebeef. de met pluimen bedekte wereld is een scène die op het grondgebied grrRoUNd instelt. het zijn de pluimen van onze verkoolde vogels. het is al het verdriet van de wereld, ook, dat daar verenigd is, door die kwetsbare zwarte pluimen. het zijn de ontelbare doden uit de tijd van de onheuglijke grondgebieden die de terra brasilis doorkruisen, en verder.         

van grondgebied tot grondgebied ontsluiten zich werelden – ze doen convergeren en laten samenwonen in dezelfde ruimte-tijd is ook wat grrRoUNd bestrijdt. het voorstel dat de dansers en de choreografen belichamen, zonder evenwel een grondgebied in een ander te doen oplossen, noch ze uit elkaar te trekken. allen in een percurssieve Relatie, het gebeef weerklinkt ofwel niet-zijn ofwel zijnde-zijn is de gewalste en inleidende constructie-, ik zou zelfs zeggen het vooruitlopen op een mogelijk gezamelijk grondgebied.         

de term ‘grondgebied’ moet hier in zijn tweeledige toestand worden beschouwd: die van grondgebied, maar ook die van solo’s die de dansers alleen uitvoeren. In dat schouwspel zijn er enkel solo’s, wat a priori opgelegd wordt door de sanitaire voorwaarden waardoor het aanraken van het lichaam van de andere ontzegd wordt. zelfs in ‘intouchable’ worden alle lichamen van de dansers-scheppers door de percussieve kracht doorkruist. het is een perfecte percussie die bestaat uit lichamen-klanken-muziek en woorden, een percussie die open staat voor onhoorbare geluiden, tot stand gebracht met stukken die met alle samengebrachte partikels zijn vermengd. deze percussieve kracht genereert zelf een een onvoorspelbare vorm van contact tussen allen. terwijl ze onze lichamen verspreidt en doorkruist weergalmt ze en weerklinkt ze over alle grondgebieden. zou men het dan kunnen hebben over een gezamelijk grondgebied?           

  • Ana Kiffer

Ana Kiffer is auteur en docente aan de Pauselijke Katholieke Universiteit van Rio de Janeiro en aan 
de Universidade Federal Fluminense. Sinds de jaren 1990 werkt ze op de relatie tussen het lichaam en 
het schrijven, over de politiek van het lichaam en 
de politieke inmenging in het domein van de kunst 
en van de cultuur.

Presentatie: Kunstenfestivaldesarts-Kaaitheater-Zinnema

Concept, regie: Marcela Levi & Lucía Russo | Performance, co-creatie: Alexei Henriques, Ícaro Gaya, Lucas Fonseca, Martim Gueller, Tamires Costa, Washington Silva | In conversatie met: Ana Kiffer, Felipe Ribeiro | Assistentie: Lucas Fonseca, Tamires Costa | Lichtontwerp: Laura Salerno | Technische leiding: Daniel Uryon | Sound design: het hele team | Costumes: Marcela Levi & Lucía Russo | Geluidstechnisch adviseur: Diogo Perdigão | Productie: Improvável Produções | Coproductie: Kunstenfestivaldesarts, Kaaitheater, PACT Zollverein, Julidans, Something Great | Distributie: Something Great | Met de steun van: Centro Coreográfico da Cidade do Rio de Janeiro/Secretaria Municipal de Cultura, Consulado da Argentina no Rio de Janeiro, Espaço Cultural Sítio Canto da Sabiá, Instituto Villa-Lobos UNIRIO | Residentie: Kunstenwerkplaats | Sponsoring: Fomento a todas as artes - Lei Aldir Blanc | Secretaria Municipal de Cultura de Rio de Janeiro | Dankbetuigingen: Alberto Lalouf, Adriana Coma, André Lepecki, Angela Camargo Seixas, Ana Kavalis, Andrea Del Giorgio, Bruno Jacomino, Carolina Herman, Cecilia Russo, Diego Dantas en het hele team van het CCO, Dina Salem Levy, Doriana Mendes, Daniel Bargues, Fernando Salis, Ginetta Mortera, Giulia Messia, Gustavo Ciríaco, Irene Lenz, Joaquim Alves Ribeiro, Katharina Wallisch, Laura Erber, Luis Maria Giannetti, Maria De Paiva Ribeiro, Maria Villalonga, Marta Heumann, Patricia Giannetti, Paula Delecave, Paula Giannetti, Rui Silveira, Sérgio Barrenechea, Sérgio Rezende, Sol Giannetti, Steven Harper, Susana Russo, Teresa Bofill, Valéria Meireles, Vera Mantero, Verónica Russo, Victoria Giannetti.

Wind, installatie ontworpen door Lucía Russo in samenwerking met Marcela Levi en technisch advies van Bruno Jacomino, ontwikkeld binnen het project A room of wonder (2013) van Gustavo Ciríaco

Marina & Ulay, installatie ontworpen door Marcela Levi, een transcreatie van de actie Imponderabilia (1977) van Marina Abramovic en Ulay

→ see also: #nofilter

01.07

  • 20:30

02.07

  • 20:30

03.07

  • 18:00

04.07

  • 15:00
website by lvh