14 — 17.05.2002
William Kentridge, Kevin Volans, Handspring Puppet Company Zuid-Afrika
Confessions
Muziektheatre — premiere
Engels → NL, FR | ⧖ 1h25
Het is geen toeval dat William Kentridge op Italo Svevo's Bekentenissen van Zeno viel. Svevo's kritische maar genereuze blik op de kleine kanten van de mens sluit perfect aan bij de gevoelswereld en het werk van de Zuid-Afrikaanse regisseur, beeldend kunstenaar en filmmaker. Wat hij vorig jaar in Zeno at 4 a‧m. aanzette, werkt Kentridge nu verder uit in een nieuwe muziektheaterproductie. In Confessions staat hoofdpersonage Zeno op uit zijn slapeloosheid en gaat ronddwalen door de straten van Triëste. Kentridge en zijn ploeg volgen hem op de voet: met een tekst van Jane Taylor en muziek van Kevin Volans, live uitgevoerd door drie zangers en een strijkkwartet. Met de marionettenspelers van de Handspring Puppet Company die Kentridges minuscule sculpturen manipuleren, terwijl de acteurs de confrontatie aangaan met vooraf opgenomen en live filmbeelden.
Het is in het Zuid-Afrika van de jaren '60 en '70, een periode van strikte rassenscheiding, dat de jonge William Kentridge opgroeit. Met een vader-advocaat die het meer dan eens tegen de apartheid opneemt, lijkt het logisch dat ook de zoon de politieke kant opgaat. Maar na zijn studies politieke wetenschappen, kiest William een andere weg: die van de kunst. Het is het begin van een parcours dat hem langs plastische kunsten, film en podiumkunsten zal brengen. Zonder zich veel aan te trekken van de grenzen tussen de genres maakt Kentridge etsen, theaterproducties, opera's, tekeningen en animatiefilms. Geen sprake van klinische zuiverheid: bij William Kentridge versmelten de disciplines tot een organisch geheel. Meer dan eens zal zijn werk - direct of indirect - verwijzen naar het zwaarwegende verleden van zijn vaderland. Ubu en de Truth Commission bijvoorbeeld gaat over de Waarheids- en Vredescommissie, door Mandela opgericht voor de slachtoffers en beulen van het oude regime. Maar de kunstenaar is duidelijk op dit punt: "Ik ben geen woordvoerder van Zuid-Afrika".
Sinds zijn eerste aanwezigheid op het festival in 1994 met Woyzeck on the Highveld samen met de Handspring Puppet Company, is William Kentridge een vaste waarde geworden, zowel op het festival als daarbuiten. In 1996 bracht hij Faustus in Africa en in 1998 de opera Il Ritorno d'Ulisse, deze laatste in het kader van de Monteverdi-cyclus van het KunstenFESTIVALdesArts. Elke keer ontdekten we een ander aspect van zijn werk: zijn fijngevoelige registratie van de dingen rondom, zijn humor en zijn zelfrelativering. Op een warme manier, zonder arrogant of belerend te worden, beschrijft Kentridge de kleine kanten van de mens. Zijn animatiefilms maakt hij met houtskool en gom: geen digitale perfectie, maar openheid voor het imperfecte en het menselijke. Dit jaar is de Zuid-Afrikaanse kunstenaar voor de vijfde keer te gast op het festival, opnieuw met de Handspring Puppet Company, het poppentheatergezelschap van Basil Jones en Adrian Kohler, dat zijn marionetten zelf uit hout beitelt. Deze keer ruilen ze, net als vorig jaar in Zeno at 4 a‧m., de poppen voor de fijne sculpturen van Kentridge.
Beste Zeno, ik ben de meest intelligente man van Triëste. Jij bent de vijfde. Posities twee, drie en vier staan leeg.
Italo Svevo, Bekentenissen van Zeno, Athenaeum-Polak en van Gennep, Amsterdam 1981
"Ik moet achttien of twintig geweest zijn toen ik voor het eerst Italo Svevo's Bekentenissen van Zeno las." Italo Svevo, de auteursnaam van Ettore Schmitz, schreef drie romans: Una vita (1893), Senilità (1897) en La Coscienza di Zeno (1923). "Een Oostenrijkse Italiaan uit het Triëste van de jaren '20 die zo precies weergaf hoe het voelde om in het Johannesburg van de jaren '80 te leven, dat intrigeerde mij."
Voor het bij Italië aangesloten werd in 1918, was Triëste de enige haven van het Oostenrijks-Hongaarse rijk: grens- en handelszone waar politiek nationalisme en intellectueel kosmopolitisme naast elkaar leefden. Deze mitteleuropäische stad bevond zich op het kruispunt van drie werelden, de Italiaanse, de Slavische en de Germaanse:
In de winter giert hier de Siberische bora, je hoort er regelmatig Sloveens spreken en in de buffetten, waar je rechtstaand stomende zuurkool kan eten, hangt een sfeer van trattorie en Weense café's.
Antoine de Gaudemar, in Libération, oktober 2001
"Svevo beschrijft Triëste als een wanhopig provinciale stad aan de rand van een rijk - ver van het centrum en de echte wereld, net als Johannesburg. In de loop van de jaren heb ik die indruk van het boek bewaard, maar andere elementen ervan zijn me gaan fascineren."
In Bekentenissen van Zeno relateert Zeno Cosini in de eerste persoon over zijn leven: een opeenvolging van mislukkingen en misgelopen kansen. Via een minutieuze zelfanalyse leert de lezer een man kennen die, ondanks een extreme luciditeit, niet in staat lijkt met de werkelijkheid om te gaan: aan zijn vaders sterfbed vergeet Zeno de dokter te roepen; wanneer hij wil trouwen, huwt hij uit drie zussen degene waar hij niet van houdt; bij de begrafenis van zijn beste vriend vergist hij zich van rouwstoet;... "Zeno heeft een opvallende zelfkennis. Maar zijn kennis blijft zonder effect. Het voelde bekend aan om te zien hoe Zeno, ondanks die zelfkennis, absoluut niet in staat is om te handelen. Of er op andere momenten juist niet in slaagt om zichzelf tegen te houden."
"De roman is opgebouwd in drie bewegingen: Zeno en zijn vader, Zeno en zijn vrouw, Zeno en zijn minnares. Maar de essentie van het personage bevindt zich in de dubbelzinnige verhouding met zijn vader." Zo beschrijft Kentridge in januari 2001 waarom hij in Zeno at 4 a‧m., het eerste luik geïnspireerd op Bekentenissen van Zeno, inzoomde op Zeno's relatie met zijn vader.
De voorstelling blijft fragmentarisch (...), een verzameling waarin elk van de onderdelen nog duidelijk zichtbaar blijft, alsof de maker ons zijn geheim onthult, ons laat zien hoe hij het geheel in mekaar paste. (...) Het resultaat fascineert en laat zien wat het is: een blik op een work in progress.
Serge Martin, in Le Soir, mei 2001
Confessions zet nu een stap verder. Na het derde en vierde hoofdstuk - Het roken en De dood van mijn vader - zijn hoofdstuk V en VI aan de beurt: Hoe mijn huwelijk tot stand kwam en De echtgenote en de maîtresse. Zeno laat de eenzame, slapeloze nachten in zijn kamer achter zich om door de straten van Triëste te gaan dwalen; de ploeg rond William Kentridge volgt hem op de voet. Jane Taylor schreef het libretto, waarvoor de Zuid-Afrikaan Kevin Volans de muziek componeerde. Zijn muziek voor bas, sopranen en strijkkwartet smelt - als in het onderbewustzijn -- herhalingen, flarden melodie en terugkerende elementen aaneen tot een collage die het visuele van de voorstelling onderlijnt.
"Met Zeno at 4 a‧m. wilden we een schaduworatorium maken: we zouden de zangers omtoveren tot een koor van silhouetten, ergens tussen maskers en poppen in. Uiteindelijk verdween dit element helemaal naar de achtergrond. Wat onverwachts wél naar voor kwam, was de idee van live cinema. Dat lag aan de basis van Confessions."
Van op de scène begeleidt het strijkkwartet de film, die centraal op het podium geprojecteerd wordt. Als bij oude stomme films zorgt de live muziek hier voor het klankdecor. Maar in Confessions is niet alleen de muziek live, ook de film wordt voor onze ogen gemaakt. Opzij van het centrale scherm zien we de marionettenspelers/acteurs van Handspring aan het werk: met hout, gegolfd plexiglas en gescheurd papier toveren ze een hele wereld tevoorschijn. Hoe fragiel het materiaal ook is, de beelden die op het scherm terecht komen zien er stevig en zwaar uit. Hier wordt op een andere manier cinema gemaakt: geen acteurs, geen decor, maar vormen die bewegen tegen getekende achtergronden, of voor de camera afgerolde afbeeldingen.
Alle beelden zijn geïnspireerd op Italo Svevo's Bekentenissen van Zeno, een roman vol personages die "als versteend door de dreiging van de Eerste Wereldoorlog, zitten te wachten op de uitbarsting". Maar Confessions is alles behalve een letterlijke vertaling van Svevo's boek naar de scène. "Ik wilde tonen hoe ingewikkeld onze relatie tot onszelf is en onderzoeken hoe je gevoelens tegenover een bepaalde stad kon weergeven. Op het einde van het werkproces beseften we dat we ver afgedwaald waren van het oorspronkelijke boek: het was helemaal een stuk van onszelf geworden. We hebben Svevo's boek gebruikt als baken, als drijfveer en inspiratiebron voor een nieuwe creatie waarin theater, animatie en film samensmelten tot één geheel."
Naar: Italo Svevo, La Coscienza di Zeno
Regie, concept, animatie: William Kentridge
Libretto: Jane Taylor
Muziek: Kevin Volans
Strijkkwartet: The Sontonga Quartet
Acteur: Dawid Minnaar
Zangers: Otto Maidi (bass), Lwazi Ncube (soprano), Phumeza Matshikiza (soprano)
Ontwerp poppen: William Kentridge
Poppenmaker: Adrian Kohler
Manipulatoren: Busi Zokufa, Tau Qwelane, Fourie Nyamande, Adrian Kohler, Basil Jones
Kostuums : Mathilda Engelbrecht
Geluidsontwerp: Simon Mahoney
Toneelmeester: Leigh Colombick
Dagelijkse leiding van het gezelschap: Wesley France
Productie: Handspring Puppet Company (Johannesburg), Schauspiel Frankfurt, Art Bureau München
Coproductie: Berliner Festspiele, Documenta11 (Kassel), Festival d'Automne à Paris, Théâtre d'Angoulême Scène nationale, Kampnagel (Hamburg), Festival RomaEuropa, Salamanca 2002-Ciudad Europea de la Cultura, Ministero per i bene e le attivitá culturali / Direzione generale per l'architettura e le arti contemporanee / Centro nazionale per le arti contemporanee, KunstenFESTIVALdesArts
Presentatie: Kaaitheater, KunstenFESTIVALdesArts

